Bewoners-zelfbeheer

De Vereniging Viaductstraat is te beschouwen als een soort alternatieve woningbouwvereniging. Alternatief, omdat de zaken anders zijn geregeld dan bij een "normale" woningcorporatie. Van de leden/bewoners wordt heel wat meer verwacht dan in een gangbare huurverhouding. Daar staat tegenover dat ze veel meer te zeggen over hun eigen huis en de andere huizen in de straat. Je kunt de Vereniging daarom zien als een vorm van bewoners-zelfbeheer.

De situatie waarin de Vereniging zich bevindt, wordt voornamelijk bepaald door twee factoren: een relatief zwakke financiële positie, en, mede daardoor, een grote afhankelijkheid van de inzet van de leden.

Artikel 2 van de Statuten luidt:

1. De Vereniging stelt zich ten doel:
   a. het behoud, herstel en de instandhouding van de
      oorspronkelijke, op de oprichtingsdatum bestaande,
      bebouwing aan de Viaductstraat te Groningen;
   b. het handhaven van de woonbestemming in genoemde
      Viaductstraat, met name voor jongeren, één- en
      meerpersoonshuishoudens, en in het algemeen alle
      personen met een laag inkomen;
   c. te bevorderen dat de ruimtelijke ordening van de
      omliggende gebieden voor wat betreft gebruik en/of
      bestemming nauw aansluit bij de woonbestemming
      in genoemde Viaductstraat;
   d. het onderhouden van de gronden aanpandig aan de
      Viaductstraat, dat wil zeggen de gronden gelegen
      binnen het gebied begrensd door de Driehovenstraat,
      de Achterweg en de afrastering van het N.S.-emplacement;
   e. het verzorgen, aanbieden en onderhouden van passende
      woonruimte ten behoeve van de leden van de Vereniging,
      tegen een kostendekkende vergoeding;
   f. daar waar belangen van de leden ten aanzien van hun
      woongenot (in de ruimste zin van het woord) geschaad
      worden of dreigen te worden, zal de Vereniging voor
      of namens de leden optreden in of buiten rechte.
2. De Vereniging heeft het maken van winst niet tot doel.
Met andere woorden, de Vereniging wil het wonen in de Viaductstraat zo plezierig mogelijk houden: alle doelstellingen staan in het kader van het woongenot. Bovendien dienen de woonruimtes betaalbaar te blijven voor mensen met een laag inkomen; vandaar een groter beroep op de inzet van elke individuele bewoner dan je bij een "normale" woningbouwvereniging zou aantreffen.

Wat die financiën betreft: aan de ene kant moet de Vereniging elke maand een bedrag aan de bank betalen om de hypotheek af te lossen. Daar bovenop komen dan nog de kosten van de terugbetaling van de renovatie-lening, reserveringen voor toekomstig groot-onderhoud, en het beheer van de huizen. Aan de andere kant moeten de woonruimtes voor iedereen betaalbaar blijven. Daarom is de gemiddelde vergoeding per woonruimte op een voor alle bewoners acceptabel bedrag gesteld (zie Wat kost het?). De Vereniging kan met wat ze maandelijks binnen krijgt kostendekkend draaien - zolang tenminste de verenigingswerkzaamheden vrijwillig door de leden worden verricht. Het gaat daarbij niet alleen om het onderhoud van de huizen, maar ook om het beheer, de administratie, et cetera.
Overigens zijn de inkomsten van de Vereniging te gering om een ècht grote financiële reserve op te bouwen: bij acuut geldgebrek zullen de bewoners het tekort met z'n allen bij elkaar moeten leggen.

Samengevat komt het er op neer, dat de vergoedingen voor de woonruimtes direct samenhangen met de verenigingskosten, en dat de leden/bewoners deze alleen door eigen inzet en zelfwerkzaamheid laag kunnen - en ook moeten - houden. Zonder haar vrijwilligers zou de Vereniging Viaductstraat niet kunnen bestaan.